Via onderstaande link komt u terecht bij de volledige meldcode kindermishandeling. Het is van belang dat u deze leest en op de hoogte bent van de inhoud.

Het is met name van belang dat u de signalen kent van kindermishandeling, de vormen van kindermishandeling en de stappen die u als gastouder moet nemen wanneer er vermoedens zijn van kindermishandeling.

Bekijk of download hier de volledige meldcode.

Bekijk of download hier de handleiding voor de meldcode.

Samenvatting meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling:

Let op: het lezen van alleen deze samenvatting vervangt niet het lezen van de gehele meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling!
Stap 1: In kaart brengen van signalen
Stap 2: contact opnemen met het gastouderbureau
Stap 3: Gesprek voeren met de ouders
Stap 4: wegen aard en ernst van het huiselijk geweld of kindermishandeling en bij twijfel altijd raadplegen van shg of amk
Stap 5a: hulp organiseren en effecten volgen
Stap 5b: melden en bespreken met ouders

Signalen kindermishandeling:
Signalen slachtoffer 0-4 jaar:
• Heeft verwondingen en/of oude littekens
• Is verwaarloosd
(luiers niet verschoond, te kleine schoenen, slecht verzorgd gebit)
• Vertoont angst voor onderzoek en/of verschonen
(knijpt billen samen bij optillen of verschonen)
• Is vaak ziek
• Heeft een vertraagde ontwikkeling (spraak, motoriek)
• Heeft verstoorde eet- en slaapgewoontes
• Huilt of schreeuwt buitensporig veel
• Vertoont extreme schrikreacties
• Is in zichzelf gekeerd of juist hyperactief
• Is dwingend en/of vraagt veel aandacht
• Is bang om alleen te zijn
• Maakt weinig/vreemd contact
• Vertoont plotselinge gedragsverandering in contact met ouders/verzorgers
• Heeft angst voor lichamelijk contact of is juist overdreven gericht op lichamelijk contact
• Is agressief naar kinderen en/of dieren
• Speelt geweldsituaties na
Signalen slachtoffer 4-12 jaar
• Heeft verwondingen en/of oude littekens
• Is verwaarloosd (vaak ziek, slecht gebit, vieze kleding, ongezonde eetgewoonten)
• Heeft een groeiachterstand
• Vertoont angst voor lichamelijk onderzoek
• Gedraagt zich passief en apathischof juist heeldruk
• Heeft een negatiefbeeld van zichzelf en de omgeving
• Isagressief richting zichzelf, anderen en/of omgeving
• Gedraagt zich overdrevenaangepast en afhankelijk
• Presteert op school onder het eigen kunnen
• Neemt geen vriendjes mee naar huis
• Heeft taal- en spraakstoornissen
• Blijft rondhangenna schooltijd
• Gebruikt alcohol en/of drugs
• Kan zich slecht concentreren
• Heeft angst voor lichamelijk contact of is juist overdreven gericht op lichamelijk contact
• Misdraagt zich (diefstal, brandstichting,vandalisme)

Signalen pleger
• Geeft vage verklaringen voor verwondingen/verwaarlozing
• Gedraagt zich onverschillig t.o.v. het kind
• Heeft verwachtingen die niet bij de leeftijd van het kind horen
• Uit veel klachten over het gedrag van het kind
• Geeft aan het kind niet aan te kunnen en/of maakt overmatig gebruik van “zoethoudertjes”
• Scheldt het kind uit en/of troost het kind niet
• Stelt zich overbeschermend op
• Houdt het kind vaak thuis
• Er is sprake van sociaal isolement / gesloten gezin
• Heeft relatieproblemen
• Mijdt contact met leiding van peuterspeelzaal/kinderopvang
• Is onzorgvuldig in het nakomen van afspraken
• Meldt zichzelf of gezinsleden vaak ziek
• Er is veel hulpverlening binnen het gezin